Oproep editie 2012

Een nieuwe editie van de Prijs Belgische Ontwikkelingssamenwerking is gelanceerd. Deze oproep is open tot 31 maart 2011. U kan in het reglement lezen of u in aanmerking komt voor deelname.

Ik wil me kandidaat stellen

De beperkingen die de eigen onderontwikkeling oplegt aan de ontwikkeling

Natacha MORALES student laureaat


°1975 Bolivië
Licentie in economie, Universidad Católica Boliviana, La Paz, Bolivië, 1999

Las restricciones al desarrollo impuestas por el propio subdesarrollo

Deze thesis onderzoekt de complexe relatie tussen economische groei, inkomensverdeling en de ongelijke toegang tot publieke diensten in Bolivia. Het vertrekpunt is de bezorgdheid over de historische inkomensongelijkheid en, meer nog, over de verslechtering van de ongelijkheidsindicatoren in de recente periode van structurele aanpassing. De studie bestudeert de oorzaken en de gevolgen van deze evolutie. Daarvoor gebruikt ze regionale statistische informatie en verbindt die op een intelligente manier met de inzichten van verschillende theoretische modellen i.v.m. economische groei en ongelijkheid. De kern van de analyse is een eenvoudig econometrisch model dat de verbanden tussen inkomensongelijkheid, productie per capita én (de productie van) 'menselijk kapitaal' beschrijft.

Een interessant resultaat van de econometrische analyse is de schatting van een Kuznets-curve met data per provincie. Deze curve beschrijft de relatie tussen de looninkomensongelijkheid en de evolutie van het productieniveau per capita. De analyse schat dat het keerpunt van de Kuznets-curve, d.w.z. het punt waar bijkomende productiegroei leidt tot een automatische daling i.p.v. een stijging van de ongelijkheid, ligt bij een inkomen van US$ 1850. Dit is veel hoger dan het huidige gemiddelde inkomen per capita ( US$ 1000). Dit resultaat betekent dat het verwachte 'trickle down'-effect zonder een beleidswijziging niet snel zal optreden. De ongelijkheid zal spontaan nog verder toenemen. De studie bevestigt Kuznets' originele inzicht dat de toenemende ongelijkheid vooral verband houdt met de migratie vanuit arme, maar egalitaire rurale regio's naar de rijkere, maar meer sociaal gepolariseerde stedelijke gebieden.

Het meest ontwikkelingsrelevante deel van de studie wordt gevormd door een verdere analyse per groep van provincies (volgens hun positie op de geschatte Kuznets-curve). Dit levert interessante aanbevelingen voor gedifferentieerde regionale beleidsmaatregelen op. In alle regio's blijkt vooral de investering in menselijk kapitaal heel belangrijk. Vooral investeringen in de vorming van vrouwen in met name de armste regio's blijken zeer 'rendabel', zowel in termen van economische groei als op vlak van vermindering van de ongelijkheid. De schattingen van het eenvoudige model geven tenslotte ook aan dat de armere regio's van Bolivia het potentieel bezitten om sneller te groeien met eenzelfde bijkomende investering dan de rijkere regio's. Een beleid dat streeft naar regionale convergentie lijkt dus zowel mogelijk als rationeel te verantwoorden vanuit groeiobjectieven.

verslag door Prof. Dr. Johan Bastiaensen, Instituut voor ontwikkelingsbeleid en -beheer, Universiteit Antwerpen