Oproep editie 2012

Een nieuwe editie van de Prijs Belgische Ontwikkelingssamenwerking is gelanceerd. Deze oproep is open tot 31 maart 2011. U kan in het reglement lezen of u in aanmerking komt voor deelname.

Ik wil me kandidaat stellen

Ontwikkelingscyclus van de Afrikaanse rijstgalmug Orseolia oryzivora Harris en Gagné (Diptera: Cecidomyiidae) in Zuidwest-Burkina Faso: invloed van waardplanten, parasitoïden en cultuurmaatregelen

Malick BA NIANGO researcher laureaat
malick.ba@messrs.gov.bf

°1973 Burkina Faso
Maîtrise in biologische wetenschappen, Université de Ouagadougou, Burkina Faso, 1997

Cycle annuel de la cécidomyie africaine du riz Orseolia oryzivora Harris et Gagné (Diptera: Cecidomyiidae) en relation avec ses plantes hôtes, ses parasitoïdes et certaines pratiques culturales au Sud-Ouest du Burkina Faso

Deze doctoraatsstudie draagt in belangrijke mate bij tot de bio-ecologie van de Afrikaanse rijstgalmug. In Afrika en in het bijzonder in Zuid-West Burkina Faso veroorzaakt deze rijstgalmug opbrengstverliezen aan rijst waardoor meer dan de helft van de potentiële opbrengst niet gerealiseerd wordt. Naast socio-economische en klimatologische factoren is deze plaag verantwoordelijk voor de lage rijstproductie in die regio van Burkina Faso, waardoor dit land verplicht aangewezen is op rijstimport.
Deze studie richt zich op verschillende topics zoals cultuurtechnische, biologische en aangepaste chemische behandelingen, waarvan de integratie de basis vormt voor een geïntegreerde aanpak. Belangrijk is dat de praktische toepassing van het onderzoek binnen het bereik ligt van de lokale kleinschalige landbouwer/rijstteler.
Zo blijkt uit het onderzoek ondermeer dat de gevreesde rijstgalmug tussen twee rijstteelten overleeft op wilde rijstsoorten (Oryza longistaminata), en dat een goede cultuurhygiëne zoals het opruimen van deze wilde rijstsoort als reservoirplant, een allerbelangrijkste stap is in een geïntegreerde aanpak.
Er werd inzicht verworven hoe bepaalde planten zoals Paspalum als waardplant fungeren voor een galmug, welke dezelfde parasieten herbergt, als deze welke de rijstgalmug parasiteren, hetgeen belangrijke informatie is met het oog op een biologische bestrijding. Daarenboven toont het onderzoek dat neem-extract, als een insecticide van biologische oorsprong, zeer efficiënt kan worden ingezet tegen de galmug waarbij de natuurlijke parasieten van de rijstgalmug gespaard blijven.
Conclusie: zowel door de fundamentele wetenschappelijke benadering van de biologie van de rijstgalmug als door de implementatie van deze onderzoeksresultaten naar praktische toepassing draagt dit onderzoekswerk wezenlijk bij tot een gegarandeerde rijstproductie voor de kleinschalige landbouwer/rijstboer in Zuidwest-Burkina Faso.
 

verslag door Prof. Dr. Jozef Coosemans, Laboratorium Fytopathologie en Plantbescherming, Katholieke Universiteit Leuven