Oproep editie 2012

Een nieuwe editie van de Prijs Belgische Ontwikkelingssamenwerking is gelanceerd. Deze oproep is open tot 31 maart 2011. U kan in het reglement lezen of u in aanmerking komt voor deelname.

Ik wil me kandidaat stellen

Stedelijke landelijkheid en landelijke stedelijkheid, gekenmerkt door de formalisering van markten en transportstrategieën in de context van Mwanza, Tanzania

Daan VAN TASSEL student laureaat
daanvantassel@hotmail.com

°1980 België
Burgerlijk ingenieur-architect, Katholieke Universiteit Leuven, 2004

Urban Rurality and Rural Urbanity, marked by formalization of marketplaces and transport strategies in Mwanza context, Tanzania

Het bekroonde werkstuk is een eindwerk dat door de laureaat op het eind van het academisch jaar 2002-2003 werd voorgelegd om de graad van burgerlijk ingenieur-architect te verkrijgen op het Departement Architectuur, Stedenbouw en Ruimtelijke Ordening van de KU Leuven. Het werk is vooral origineel omdat het gebaseerd is op een voortdurende dialectische wisselwerking tussen de theorie en de praktijk, die op haar beurt boogt op een langdurige onderdompeling op het terrein. Hierbij heeft de auteur in zekere zin de bril waarmee het Zuiden meestal in door westerlingen geleide onderzoeken wordt bestudeerd omgedraaid en dat moet worden onderstreept en toegejuicht.
De onderzochte streek is die van Mwanza, een middelgrote Tanzaniaanse stad op de oever van het Victoriameer. Dit gebied is zeker verstedelijkt, maar wordt toch ook, in het centrale gedeelte, sterk getekend door landelijke elementen en, in de periferie, waar men aan tuinbouw doet, door stedelijke elementen. Zoals overal elders in Afrika zijn de markten, waarvan vele worden vergeleken, plaatsen van uitwisseling waar, meer in het algemeen, het echte leven zich afspeelt. Hun locatie en toegankelijkheid zijn essentiële kwesties in een context die wordt gekenmerkt door de schaarste en de hoge kostprijs van het transport, zowel voor de kleine handelaars als voor hun klanten. Bovendien is er een sterke overlapping tussen de markten en de busstations. Dat is zowel praktisch als problematisch, gezien de verkeerschaos die er het gevolg van is. Het functioneren van deze complexe plaatsen, waarvan de ene in werking zijn en de andere nog in voorbereiding, wordt in deze studie verkend in de context van Mwanza en de periferie van deze stad. De studie formuleert ook voorstellen voor een betere werking. Een van de lessen van deze studie die zeer nuttig zijn vanuit ontwikkelingsoogpunt, is dat het, bij het indelen van dergelijke ruimten, essentieel is om geen vast gedefinieerde plekken te creëren waar geen mogelijkheid is tot verdere evolutie – neen, hun inrichting moet open zijn en, in een context van aanhoudende demografische groei, uitzicht bieden op voor de hand liggende uitbreidingen.
De bijzonder goed geschreven studie is rijk geïllustreerd, vooral met de talrijke foto’s die de auteur zelf maakte tijdens zijn langdurig verblijf in Mwanza. Wij drukken hier de wens uit dat deze studie een vervolg zou krijgen, waarbij rekenschap zou kunnen worden gegeven van de recente ontwikkelingen in deze Tanzaniaanse stad. Het zou eveneens wenselijk zijn een vergelijking te maken met de situatie in vergelijkbare stedelijke omgevingen in Midden-Afrika en, meer in het algemeen, in heel tropisch Afrika. Daar doen zich immers gelijkaardige problemen voor met betrekking tot de relatie tussen markten en transport.
 

verslag door Prof. Dr. J. Charlier, Institut de Géographie, Université Catholique de Louvain, Louvain-la-Neuve