Oproep editie 2012

Een nieuwe editie van de Prijs Belgische Ontwikkelingssamenwerking is gelanceerd. Deze oproep is open tot 31 maart 2011. U kan in het reglement lezen of u in aanmerking komt voor deelname.

Ik wil me kandidaat stellen

Voedselzekerheid op huishoudelijk niveau in ruraal Tanzania (Kilosa District)

Ine MAENHOUT student laureaat
ine_maenhout@yahoo.com

°1977 België
Bio-ingenieur in de landbouwkunde, Universiteit Gent, 2001

Voedselzekerheid op huishoudelijk niveau in ruraal Tanzania (Kilosa District)

Ine Maenhout bestudeerde de voedselzekerheid op huishoudelijk niveau in het dorp Ilonga. De opdracht van haar thesis was in feite tweevoudig: enerzijds diende het onderzoek gekaderd in het ruimer project, "Iron bioavailability and nutritional evaluation of an optimised complementary food in Tanzania (Kilosa district)", en anderzijds moest het werk een conceptuele bijdrage betekenen voor de realisatie en verbetering van acties, die een duurzame ontwikkeling beogen voor derdewereldlanden.
Ine Maenhout nam het begrip voedselzekerheid, zoals het is geformuleerd door de Wereldbank, als uitgangspunt voor haar onderzoek: toegang voor alle mensen, ten allen tijde, tot voldoende voedsel voor een actief en gezond leven. De basiselementen voor de voedselzekerheid zijn hiermee onmiskenbaar vastgelegd maar de toetsbaarheid ervan ligt niet vast. Hiervoor hanteerde Ine Maenhout een persoonlijke en interdisciplinaire techniek. Zij stelde een causaal model op om de mechanismen die tot een probleem leiden te kunnen identificeren. Het centrale aandachtspunt is de voedingstoestand van jonge kinderen. Dit aspect overstijgt weliswaar de doelstelling van de scriptie en IM concentreert zich enkel op het deelaspect voedselzekerheid van de gezinnen van Ilonga, met aandacht voor de zes essentiële voedselbronnen, namelijk productie, voorraden, aanschaf, jacht, ruil en giften.
Om een invulling te geven aan de verschillende deelaspecten zoekt IM informatie in de literatuur en verwerft ze gegevens uit een eigen enquête. Ontegensprekelijk vormen landbouwactiviteiten de ruggengraat voor de gemeenschap; het betreft weliswaar vrijwel uitsluitend bestaanslandbouw om in het eigen onderhoud te kunnen voorzien. IM komt tot de bedroevende conclusie dat de productie van het grootste deel van de bestudeerde gezinnen ontoereikend is om de volgende oogst te halen. Dit probleem stelt zich bij ongeveer 80% van de bevolking, die laaggeschoold is en geen vast inkomen heeft. Wat de consumptie van voedsel betreft, is er allicht een tekort aan vet, wat zou kunnen worden verholpen door meer zonnebloemolie te verbruiken.
Voor IM stelt de voedselzekerheid wel degelijk een probleem bij de bestudeerde families. De invloed van inkomenstekorten manifesteert zich prominent tijdens de periode vóór een nieuwe oogst, wanneer de voedselvoorraden grotendeels zijn uitgeput. Te lage opbrengsten zijn deels te wijten aan te beperkte arbeidskrachten, tekorten aan kapitaal en aan kennis en aanzienlijke verliezen tijdens de opslag van de producten. Volgens IM moet daaraan worden gesleuteld. Tevens verdient de productie van aanvullende voeding sterke aanbeveling. Dit zou kunnen via een sensibiliseringscampagne bij de plaatselijke bevolking, omdat enkele essentiële bestanddelen van aanvullende voeding zoals gierst en pindanoten slechts heel uitzonderlijk worden verbouwd.
De thesis van Ine Maenhout geeft blijk van een correcte wetenschappelijke aanpak, van persoonlijke inzet en initiatieven en van veel enthousiasme.

verslag door Prof. Dr. L. Goeyens, Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid, Brussel